Tagarchief: volksgezondheid

Onzichtbare minister

Als je even nadenkt over onderwerpen die op Curaçao in het nieuws zijn dan kun je een lange lijst maken. Sla de krant er maar op na, daarin staat elke dag genoeg gespreksstof voor bij de koffieautomaat, op feestjes of aan de spreekwoordelijke borreltafel. Maar een paar onderwerpen blijven steeds weer terugkomen. Ik noem er twee waar een rode draad in te ontdekken is. Afgelopen week kwam de Isla weer volop in het nieuws, iedereen op het eiland heeft de vlammen en de rook gezien. En de zorg speelt, op verschillende manieren, ook al maanden een hoofdrol.

We hebben natuurlijk de zorg zelf, die zoals bijna overal in de wereld ook hier een grote kostenpost is, die men schijnbaar nergens in de hand kan houden. Als je een klein beetje om je heen kijkt dan hoef je niet eens buiten ons Koninkrijk te gaan om te zien dat er overal gesleuteld wordt aan de zorg. De ziektekostenverzekering moet anders, de zorg moet gedecentraliseerd of – een paar jaar later – weer gecentraliseerd, ziekenhuizen moeten samenwerken, de vergoedingen moeten worden versoberd, kritiek op de kwaliteit van de zorg, een bewindsman moet bijna aftreden als hij voor de zesde keer over hetzelfde zorgonderwerp naar het parlement moet komen. Ik heb het nu dus over Nederland, niet over Curaçao. En dan laat ik nog maar even buiten beschouwing dat de zorg binnen Nederland niet overal hetzelfde is, vraag dat maar aan de inwoners van Caribisch Nederland.

Failliet
We zoomen in op Curaçao. Al maanden horen we dat het Sehos bijna failliet is, al een jaar dat de Taams Kliniek bijna failliet is en al jaren dat de tarieven die de SVB vergoedt tegen de beloftes in niet worden verhoogd, waardoor verschillende instellingen in de problemen komen. Het Sehos krijgt 30 miljoen gulden gulden (zo’n 15 miljoen euro) om het weer een tijdje vol te kunnen houden, maar waar dat geld vandaan moet komen weten we nog steeds niet. We hebben daarnaast de bouw van het nieuwe ziekenhuis met de perikelen rond de sloop van een deel van het oude Sehos. Ondertussen wordt er 6 miljoen gulden uitgetrokken voor een nieuwe verdieping op de polikliniek van dat oude gebouw dat, als alles goed gaat, over anderhalf jaar niet meer wordt gebruikt.

Maar er is ook positief nieuws, althans zo lijkt het. De Taams kliniek wordt overgenomen door het Advent Ziekenhuis. De gebouwen en het terrein sowieso, maar het is ook de bedoeling om de kliniek te laten voortbestaan. Dat lijkt me gezond, dat er tegenover het grote HNO straks nog een enigszins daadkrachtige tegenspeler staat in plaats van een Taams als satelliet van het HNO in één grote organisatie, zoals eerder de bedoeling was.

Raffinaderij-Isla-uitstoot-Foto-AvaLon-Ad-van-Loon

De Isla fakkelt. Foto: AvaLon

Fakkelen
Terug naar de Isla. Het was afgelopen week weer raak met affakkelen. Vlammen van tientallen meters hoog, het leken wel vuurballen als je de foto’s ziet. En grote zwarte rookwolken dreven over de arme bewoners van Wishi, Marchena en omstreken. En die hebben bovendien al maanden last van groene smurrie. En al tientallen jaren van vervuiling, waarvan ook al jaren bekend is dat mensen daardoor vroegtijdig overlijden. En er ligt asbest open en bloot op het terrein, bleek onlangs. De raffinaderij is te belangrijk voor de economie wordt dan al sinds mensenheugenis gezegd. De leider van de commissie die zich over de toekomst van het bedrijf buigt noemt het incidenten.

De Stichting Schoon Milieu op Curaçao (SMOC) is een vasthoudende roepende in de woestijn. Zo leek het althans. Maar zie daar: er gaat iets bewegen. Naast SMOC, en het initiatief Green Town, blijken er ineens andere initiatieven te ontstaan. Vanuit de bevolking in de wijken die het hardst getroffen worden ontstaan ineens protestbewegingen, wordt SMOC benaderd, durft iemand met de Nederlandse televisie te praten. Zou het dan toch nog goed komen?

In Nederland worden keer op keer Kamervragen gesteld over de vervuilende Isla. Tevergeefs, het is een Curaçaose kwestie. In de Staten bleef het oorverdovend stil. Maar nu er vanuit de bevolking protest ontstaat, lijkt er zelfs daar iets te bewegen, al is het nog pril en het resultaat ongewis.

Stille minister
Wat is nu die rode draad? Ook rond de Isla speelt gezondheid een grote rol. De gezondheid van de bevolking is tot nu toe ondergeschikt aan de economie. Net zo makkelijk. Gezondheid is dus die rode draad. We missen daarom de minister in het verhaal. Minister Whiteman is verantwoordelijk voor Gezondheid, Milieu en Natuur. Sehos en Isla dus. Maar hij laat nauwelijks iets van zich horen. Reden voor een kort geding en een kansloze klacht bij het medisch tuchtcollege, omdat hij als arts niets doet voor de lijdende bevolking. Kansloos, omdat het geen medische misser is, maar een politieke. Het is wel opmerkelijk dat de minister grotendeels stil blijft in deze kwesties.

Afgelopen week was hij te zien in het programma van de regering over twee jaar kabinet Asjes. In een wit shirt tegen een witte achtergrond. Het lijkt wel of hij opzettelijk probeert onzichtbaar te blijven.

Dit is een iets aangepaste weergave van een column, uitgezonden in het programma Wat een Week! op Paradise FM.

Advertenties

Feesten

Het zit er weer op. Rei Momo is niet meer. We kijken weer het donkere gat van de rest van het jaar in. We moeten weer serieus aan de slag. De tijd van de grote feesten is op Curaçao voorbij.

Ik weet niet hoe het u vergaat, maar ik vind het jaar onevenwichtig ingedeeld. Want wat hebben we nu nog over aan feesten. Ja, Pasen komt nog. En Seú. Op sommige dagen zijn de Joodse winkels dicht en de moslims en hindoestanen hebben ook hun eigen dagen. En we hebben natuurlijk nog een paar evenementen, zoals het nieuwe Bluesfestival en later het Curaçao North Sea Jazz Festival. Maar de grote volksfeesten zijn nu wel achter de rug: Kerstmis met de cadeautjes, het eten en de gang naar de kerk, Oud en Nieuw met de pagara’s en brasa’s en met carnaval pakken we uit met kostuums en praalwagens en dansen en jumpen we massaal door de straten. In nauwelijks twee maanden is het voorbij.

Brand
Jammer. Maar misschien is dat maar beter ook. Want er is genoeg werk aan de winkel. De wereld staat langzamerhand in brand met IS dat aan de lopende band mensen de dood injaagt, Boko Haram dat niet veel anders doet, Rusland dat Oekraïne al dan niet openlijk probeert in zijn macht te krijgen, noem alle conflicten maar op. Allemaal zaken waar Curaçao en de andere eilanden weinig invloed op kunnen uitoefenen. Maar dat kleine beetje dat we kunnen doen mogen we niet nalaten. Zoals meedoen met sancties die door het Koninkrijk in internationaal verband worden gesteund. Het lijkt erop dat een meerderheid van het Curaçaose parlement daar geen zin in heeft. Wat kan ons de wereld schelen.

Dichter bij huis dan. Buurland Venezuela staat op ontploffen. Of op instorten, het is maar hoe je het bekijkt. Een gevaarlijke ontwikkeling. De laatste maanden heeft de economie van Curaçao geprofiteerd van een behoorlijk toenemende toeristenstroom uit Venezuela en Hato is een gewild toevluchtsoord voor privéjets van Venezolanen die het in eigen land niet meer vertrouwen. Maar wat als het daar echt misgaat? Komen die toeristen dan nog? Is de regering daar dan alert op? Mij bekruipt het gevoel dat men zich in Forti blind staart op de Venezolanen voor wat betreft de toekomst van de Isla. Gaan ze echt miljoenen steken in het opknappen van een oude raffinaderij terwijl het geld in eigen land steeds verder op raakt? Ik zou er niet op durven rekenen, maar de regering lijkt zich geen zorgen te maken. Struisvogelpolitiek.

Zorgkosten
En dan zijn er ook nog genoeg interne problemen om de komende maanden aandacht aan te besteden. De zorgkosten bijvoorbeeld. Die moeten natuurlijk in de hand worden gehouden, maar ondertussen luidt het ene na het andere ziekenhuis de noodklok. Taams is al bijna failliet, Sehos dreigt binnenkort geen salarissen meer te kunnen betalen en Capriles moet mensen ontslaan. Zelfs het bescheiden Advent ziekenhuis klaagt over de te lage tarieven.

Met de aanpak van de criminaliteit wil het, ondanks mooie acties als Ta Basta Awor en veel goede bedoelingen, maar niet echt lukken. Het onderwijs wacht nog steeds op die nieuwe impuls, het verkeer moet veiliger en de wegen beter. De economie trekt nauwelijks aan en het milieu krijgt veel te weinig aandacht. U kunt dit lijstje ongetwijfeld aanvullen met meer onderwerpen.

Opstropen
Het is maar goed dat we de grote feesten nu achter de rug hebben. Nog maar tien maanden hebben we om de mouwen op te stropen en van 2015 een jaar te maken waarin we iets bereiken. Of ben ik nu een dromer?

Deze blog werd als column uitgezonden in het programma Wat een Week! van Paradise FM op zaterdag 21 februari 2015.

Paniekvirus op Curaçao

Op Curaçao heeft de angst voor ebola een hoogtepunt bereikt. Of beter gezegd: een dieptepunt. Werknemers van de Dokmaatschappij (CDM) weigerden een schip uit Nigeria in reparatie te nemen. CDM is een bedrijf in grote financiële nood en kan het zich niet veroorloven klanten zomaar weg te sturen. En zeker niet wegens een ongegronde angst. Een paniekaanval zou je het kunnen noemen.

Ongeveer 10.000 mensen in de wereld zijn tot nu toe getroffen door het levensgevaarlijke ebolavirus. Bijna allemaal wonen ze in West-Afrika. Ver weg van Curaçao, maar op het eiland lijkt de paniek desondanks te hebben toegeslagen. De kranten schrijven bijna dagelijks over ebola, het is op de radio en tv. De kans dat de ziekte het eiland bereikt is erg klein, zegt epidemioloog Izzy Gerstenbluth al wekenlang. Toch gaan de media er maar over door. Het onderwerp leeft, zou je kunnen tegenwerpen. Maar is dat ondanks of dankzij de media?

Crisis
Waar komt die plotselinge onrealistische angst vandaan? Media spelen hierin een grote rol. Op televisie was er vorige week zelfs een speciaal forum van twee uur met informatie over ebola, waar het publiek vragen kon stellen. Wat was eigenlijk de bedoeling daarvan? Inspelen op een behoefte? Angst wegnemen? Het omgekeerde lijkt te gebeuren. Het publiek krijgt het gevoel dat er een crisis op uitbreken staat, alsof er een orkaan op het eiland afkomt. Een forum over chikungunya zou beter op zijn plaats zijn. Dat is geen dodelijke ziekte, maar treft veel meer mensen, waarvan de maatschappij de gevolgen ondervindt.

Door dagelijks te berichten over een onbekende, gevaarlijke ziekte en over de kans dat dit virus Curaçao bereikt wordt de angst gevoed. Ook de regering speelt een rol. Minister Ben Whiteman van Gezondheid kondigt aan materiaal in te kopen om voorbereid te zijn. Ook het ziekenhuis (Sehos) is voorbereid, zover dat mogelijk is, en op de luchthaven Hato zijn maatregelen genomen.

En dan is er nog de internationale berichtgeving die het eiland bereikt. Sinds het eerste ebolageval in de Verenigde Staten een slachtoffer eiste staat CNN bol van de ebolaberichtgeving. In de VS zie je een zelfde soort paniek ontstaan. En dat wordt ook op Curaçao gezien. Mensen overwogen zelfs hun reis naar de VS af te zeggen, omdat er in Dallas iemand aan ebola is gestorven.

De regering, Hato en het Sehos volgen internationale richtlijnen van onder andere de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Wellicht dat er door de instanties beter nagedacht kan worden over de manier waarop dit naar buiten wordt gebracht. Wees voorbereid, natuurlijk, maar informeer het publiek in ieder geval zorgvuldig en neem angst weg in plaats van die te creëren.

Ebolaschip
Journalisten hebben ook hun eigen verantwoordelijkheid. Berichten zonder enige nuancering de wereld in sturen over een ebolaschip in de haven is onverantwoord. Niet alle Afrikanen hebben ebola. Zoals Gerstenbluth uitlegde is Nigeria door de WHO ebolavrij verklaard. Dit in tegenstelling tot de VS, voegde hij er aan toe, maar schepen uit dat land komen ongehinderd de haven van Curaçao binnen. Bovendien wordt elk schip dat de haven binnenkomt, of het nu uit Nigeria komt, uit de VS of uit welk ander land ook, gecontroleerd op ziektes die eventueel aan boord heersen. Als je je ergens geen zorgen hoeft te maken, is het in de haven.

De media op Curaçao – en overigens ook in een aantal andere landen – zouden beter na moeten denken over hun berichtgeving. Het is wel een dilemma: verzwijgen kan natuurlijk niet en oplettendheid is altijd goed. Ook hier geldt: denk na en informeer op een genuanceerde en zorgvuldige manier. Denk ook aan het publiek dat, zeker over een nog onbekende ziekte, nu eenmaal slecht geïnformeerd is. Doe niet alsof elke Afrikaan ebola meebrengt.

En het CDM-personeel moet misschien ook nog eens nadenken. Als je bang bent voor Afrikanen: op hoeveel schepen varen eigenlijk Afrikanen mee, ook als ze niet uit Nigeria komen? En als je bang bent ebola: moeten we cruiseschepen dan ook gaan weren omdat er Amerikanen op zitten? Breng met onbesuisde acties je bedrijf niet verder in de problemen. Uiteindelijk is het niet de volksgezondheid die op het spel staat, maar de banen bij CDM die gevaar komen.