Tagarchief: Helmin Wiels

Voor Nederlandse media blijven Cariben blinde vlek

Curaçao staat weer op zijn kop na de zelfmoord van ‘Pretu’. De verdachte werd gezien als sleutelfiguur voor de oplossing van de moord op Helmin Wiels. Speculaties over de gang van zaken zijn niet van de lucht. Ook voor Nederlandse media is dit nieuws. Nieuwssites, kranten en omroepen melden het allemaal. Ook dat de minister van Justitie zijn portefeuille ter beschikking stelt, hoewel hij formeel niet verantwoordelijk is voor de veiligheid van een verdachte.

Inhoudelijk is er weinig aan te merken op de berichtgeving. Die is in de meeste gevallen feitelijk; dat het nieuws voor onrust zorgt op Curaçao valt niet te ontkennen. En toch blijft er bij mij een wrange smaak achter. Natuurlijk, het gaat weer over moord en doodslag. Maar de directe oorzaak ligt in de berichtgeving vlak voor het weekend over het aanstaande bezoek van het koningspaar aan de Caribische rijksdelen.

Geen nieuws
Vrijdagmiddag 6 september berichtte het NOS-bulletin dat koning Willem-Alexander en koningin Máxima in november een kennismakingsbezoek brengen aan de ‘overzeese gebieden’. Waarna voor de zekerheid even alle zes eilanden genoemd worden. En dan volgt het doel van de reis. “Waar is het nieuws”, schoot er door mijn hoofd. Want dat wist ik allemaal al lang. Namelijk sinds de provincietour van het nieuwe koninklijk paar in februari werd aangekondigd.

Het nieuws komt pas in alinea drie: het bezoek begint op 12 november op Sint-Maarten. “Oh, het reisschema is nu bekend”, begreep ik, “Dat is het nieuws.” Terugzoekend op de NOS-site, zie ik dat de omroep wel wist dat ze oud nieuws zaten te verkondigen, want op de website staat er bij dat in maart (wat dus ook nog fout is) het bezoek al was aangekondigd. Zo’n bericht is toch jammer, ook voor koning Willem-Alexander. Want hij doet – misschien nog wel meer dan zijn moeder deed – zijn best om het Caribische deel van het Koninkrijk steeds te noemen in zijn toespraken.

Het is wat flauw om dit bericht zo negatief te benaderen, want er zijn ergere dingen. De NOS toont tenminste nog enige betrokkenheid door dit nieuws te brengen. En de Rijksvoorlichtingsdienst is medeschuldig, want het bericht volgt braaf het persbericht van de RVD. Maar het is een typisch voorbeeld van het belang dat wordt gehecht aan berichtgeving over de Caribische eilanden. Er is weinig of geen parate kennis op de redacties en er hoeft weinig energie in gestoken te worden.

Lekkere kop
Dat laatste is juist wat mij stoort. Nog los van de erg selectieve onderwerpkeuze worden details niet belangrijk gevonden als het over de Cariben gaat. Alleen als er sensationele dingen zijn te berichten, zoals de zaak-Wiels, wordt er tijd en mankracht voor vrijgemaakt. En dan nog moet je maar hopen dat de krant, website of omroep de moeite neemt om feiten te checken en (lokale) deskundigen in te schakelen. De NOS is wat dat betreft zeker niet het slechtste jongetje van de klas, maar voor sommige Nederlandse media is een lekkere kop belangrijker dan de inhoud als het over de eilanden gaat.

Advertenties

Wie is er bang voor Ivar Asjes?

Ivar AsjesHet is sneller gebeurd dan menigeen had verwacht, maar voorspelbaar was het wel. Pueblo Soberano (PS) is na de dood van Helmin Wiels in LPF-achtige toestanden terecht gekomen. De strijd om de opvolging van Wiels als partijleider lijkt beslecht te gaan worden in het voordeel van Ivar Asjes, al zijn verrassingen bepaald nog niet uitgesloten. Zeker is dat de PS een andere partij zal worden en dat een deel zich zal afscheiden, al dan niet gedwongen door Asjes.

Heeft Helmin Wiels een fout gemaakt door Asjes als zijn nummer twee aan te wijzen? Het lijkt er wel op. Asjes heeft net als de vermoorde charismatische leider een grote mond, maar mist het politieke vernuft en zijn ideologische drijfveren. Er kleven smetten aan Asjes, waardoor hij nooit zo populair zal worden als Wiels. Toen het kabinet-Schotte viel blokkeerde Asjes als Statenvoorzitter de vergaderingen van het parlement, zodat hij aan kon blijven. Het tekent het belang dat hij hecht aan het pluche.

Macht
Een nieuwe aanwijzing voor de macht die Asjes nastreeft is de gang van zaken rond de formatie van een nieuw politiek kabinet. Hij diende zijn ontslag in als Statenlid in de verwachting dat hij dan vandaag (3 juni) zou worden beëdigd als nieuwe premier. Nu de waarnemend gouverneur die beëdiging heeft uitgesteld omdat de screening van de ministers nog niet is voltooid, wil Asjes zijn ontslag intrekken.

Populistisch
Waarom is Helmin Wiels eigenlijk in zee gegaan met Asjes? Waarschijnlijk konden de twee elkaar vinden in de manier waarop politiek bedreven werd: populistisch en met veel tamtam. En laten we niet vergeten dat Wiels ook met open ogen in een kabinet is gaan zitten met de MFK van Gerrit Schotte. Pas later drong kennelijk tot hem door dat er een waas van corruptie om Schotte hing; de corruptie die hij wilde bestrijden. Toch blijft het vreemd, want ook Asjes had in die periode al geen brandschoon imago. Misschien dacht Wiels hem in toom te kunnen houden.

Krachtige leider
Demissionair premier Daniel Hodge is in Trouw van maandag (3 juni) openhartig. Hij ziet het somber in voor de politiek van Curaçao: “Er wordt maar weinig in het belang van het land gedacht.” En over zijn beoogde opvolger Asjes: “Curaçao heeft geen leider nodig die macht zoekt. Curaçao heeft een krachtige leider nodig. En Ivar Asjes is geen krachtige leider.” En dat zegt de premier die is aangesteld door Pueblo Soberano, al is hij geen lid van die partij.

Godett
Ondertussen dient zich in de marge een oudgediende aan, die in het gat wil springen dat door Wiels is achtergelaten: Anthony Godett. Hij had afescheid genomen van de politiek; zijn partij FOL was voorbijgestreefd door Pueblo Soberano, dat zich ongeveer op dezelfde groep kiezers richt. Nu Wiels er niet meer is en PS met zichzelf overhoop ligt, ziet Godett ineens weer kansen. Of hij geloofwaardig is kun je je afvragen, maar saai is de Curaçaose politiek nooit.

Grotere kloof in het Koninkrijk


AfbeeldingTwee landen in het Koninkrijk der Nederlanden krijgen vrijwel tegelijkertijd een nieuwe kabinet: Nederland en Curaçao. Dat is niet zonder betekenis, gezien de slechte onderlinge verhoudingen. Het nieuwe Nederlandse kabinet kan zich voorbereiden op veel geruzie in het Koninkrijk, met name met Curaçao.

Hoe de nieuwe regeringscoalitie van Curaçao er ook uit gaat zien, tegenover Nederland en zal die regering zich hard opstellen. Omgekeerd zal Nederland harde bezuinigingen eisen, omdat het vorige kabinet-Schotte de tekorten hoog heeft laten oplopen. Het eiland staat inmiddels onder financieel toezicht. In die situatie heeft de Tweede Kamer nog eens extra olie op het vuur gegooid. Het heeft op zijn minst de indruk gewekt dat het Curaçao liever kwijt dan rijk is.

De verkiezingen van 19 oktober werden gewonnen door Pueblo Soberano, een partij die naar onafhankelijkheid voor Curaçao streeft. Kamerleden reageerden bijna onverholen enthousiast. Een uitspraak als ‘die kunnen ze gisteren krijgen’ hadden we kunnen verwachten van de PVV of de SP. Maar hij kwam vanuit het CDA, een partij die toch altijd heeft beweerd dat er zorgvuldig moet worden omgegaan met de Rijksgenoten in het Caribisch gebied. Ook de PvdA liet verrassend ongenuanceerd weten graag mee te werken aan onafhankelijkheid, net als de VVD.

Ongenuanceerd
De ongenuanceerde uitspraken van Kamerleden, als zou Curaçao met de winst voor Pueblo Soberano en MFK voor onafhankelijkheid hebben gekozen, zijn klinkklare onzin. Want Curaçao heeft niet voor onafhankelijkheid gekozen. Winnaar Pueblo Soberano van Helmin Wiels kreeg nog geen kwart van de stemmen. De MFK van ex-premier Gerrit Schotte sluit onafhankelijkheid niet uit, maar het is geen doelstelling van de partij.

Minister Spies van Koninkrijksrelaties legde in de Tweede Kamer de verkiezingsuitslag later correct uit. De wens van de bevolking voor onafhankelijkheid zal eerst uit een referendum moeten blijken. Het is nog maar de vraag hoeveel stemmers op Wiels dan daadwerkelijk voor onafhankelijkheid zullen kiezen. Een meerderheid lijkt in ieder geval onwaarschijnlijk.

Met een snelle onafhankelijkheid is het eiland bovendien niet gediend. De economie is er veel te zwak voor. Verkiezingswinnaar Wiels mag dan een populist zijn, hij is ook slim genoeg om dat in te zien. Op zijn vroegst over tien jaar is Curaçao klaar voor onafhankelijkheid, liet hij afgelopen week al weten. En het is de vraag of het eiland er ooit klaar voor zal zijn. De Vereniging Bedrijfsleven Curaçao waarschuwde al dat de uitspraken van Nederlandse politici investeerders kunnen afschrikken. Kortom, met onafhankelijkheid in het verschiet zal de Curaçaose economie alleen maar verder achteruit gaan.

Anti-Nederlands
Door de Haagse reacties op de Curaçaose verkiezingsuitslag zullen de anti-Nederlandse sentimenten verder versterkt worden. Dat speelt ook op de andere eilanden. Net als Curaçao heeft Sint Maarten zijn financiële huishouding niet op orde en vroeg of laat zal Nederland ook daar aan de bel trekken. Met Aruba gaat het na het stilleggen van de olieraffinaderij economisch bergafwaarts. Als oppositiepartij MEP daarvan bij de volgende verkiezingen profiteert dan zal de volgende regering ook minder Nederlands gezind zijn.

En dan zijn er nog de BES-eilanden, sinds 2010 bijzondere gemeenten van Nederland. Veel inwoners van Bonaire, Sint Eustatius en (in mindere mate) Saba, vinden dat ze in de steek worden gelaten door Den Haag. Ze worden achtergesteld bij het Europese deel van Nederland door onder andere slechtere sociale voorzieningen, terwijl er wel extra kosten zijn door wet- en regelgeving die Nederland van pas komt, vindt men. Bij de Nederlandse kabinetsformatie kwam daar nog een gebroken belofte bij. De toegezegde 10 miljoen euro voor natuurbeheer op de BES-eilanden wordt geschrapt, terwijl de plannen voor de besteding van het geld al voor een groot deel klaar liggen.

Weinig sympathie
Het scenario voor een steeds verdere verstoring van de relaties in het Koninkrijk ligt klaar. De reacties in Den Haag op de verkiezingsuitslag op Curaçao en het breken van beloftes zal bij veel bestuurders en inwoners van de eilanden de indruk bevestigen dat ze in Nederland op weinig sympathie hoeven te rekenen. En dat doet de verhoudingen geen goed. Daar kunnen we de schouders over ophalen, maar Nederland heeft al geen beste reputatie als ex-kolonisator. Het lijkt erop dat politiek Den Haag het nooit zal leren

Dit artikel verscheen in verkorte en aangepaste versie ook in Trouw op 31 oktober 2012