Maandelijks archief: augustus 2017

Afscheid van een wespennest

PlasterkMinister Ronald Plasterk van Koninkrijksrelaties, inmiddels al bijna een half jaar demissionair, begint maandag 14 augustus aan zijn afscheidstournee langs de zes Caribische eilanden waarvoor hij de afgelopen bijna vijf jaar de ministeriële verantwoordelijkheid had. Dat wil zeggen: hij was binnen de Nederlandse regering het aanspreekpunt voor zaken die de drie autonome landen Curaçao, Aruba en Sint Maarten betroffen en coördinerend minister voor de bijzondere gemeenten (openbare lichamen) Bonaire, Sint Eustatius en Saba (BES).

‘De ontwikkelingen in de afgelopen jaren en de samenwerking in het Koninkrijk’. Zo omschrijft de voorlichting het thema van het bezoek. Hoe zou de minister daar aan het begin van zijn ambtsperiode over gedacht hebben en hoe kijkt hij daar nu tegenaan? In interviews geeft hij daar altijd politiek correcte antwoorden op, zoals dat hoort voor een minister. Op de eilanden heeft hij zich niet populair gemaakt, de irritaties Plasterk (Nederland) zijn alleen maar gegroeid. Dat wil niet perse zeggen dat hij het slecht heeft gedaan, maar het idee dat ‘de West’ hem maar matig interesseerde heeft hij niet weg kunnen nemen.

Daar staat tegenover dat de eilanden het hem ook niet gemakkelijk hebben gemaakt om zijn sympathie te winnen. De minister heeft veel over zich heen gekregen. Dat hoort erbij voor een politicus, maar de conclusie dat de verhoudingen alleen maar slechter zijn geworden tussen Nederland en het Caribische wespennest baart wel enige zorg.

Wespennest
Want dat het een wespennest is kun je bijna een ‘fact of life’ noemen. Wat dat betreft zit er ook veel herhaling in de geschiedenis. Er worden afspraken gemaakt, waar Nederland zich niet aan houdt of een eigen interpretatie aan geeft. En soms doen ook de eilanden dat, in ieder geval hebben ze vaak onrealistische verwachtingen. Het patroon is ongeveer als volgt: De verhoudingen worden slechter, waarna ze onder een volgende regering, als we geluk hebben, weer verbeteren.

De constatering dat na 2010 de discussies heftiger zijn geworden roept de vraag op of er toen wel verstandige keuzes zijn gemaakt. Maar zoals professor Gert Oostindie vorige week in het Antilliaans Dagblad zei, de vraag of de staatkundige wijziging van 2010 een gelukkige was is niet meer aan de orde. Voorlopig zal die niet weer veranderen, hoe graag sommige politici op sommige eilanden dat ook zouden willen.

Gebrek aan tact
Heeft Plasterk hierin een bepalende rol gespeeld de afgelopen ruim 4,5 jaar? Vermoedelijk zullen de historici over een tijdje oordelen dat hij misschien niet altijd even handig en tactisch heeft geopereerd, maar dat het uiteindelijk niet veel heeft uitgemaakt. Een andere bewindspersoon had in principe vrijwel steeds dezelfde besluiten genomen. Toch zou iemand met meer hart voor of kennis van de eilanden met meer tact hebben geopereerd en de onvermijdelijke problemen gemakkelijker hebben gladgestreken. Bedenk wel dat Nederland zelden zulke bewindslieden op de post Antilliaanse Zaken en later Koninkrijksrelaties heeft gehad en zelfs die kwamen in aanvaring met de overzeese politici.

Hoewel er nog geen opvolger is voor Plasterk – de formatie in Nederland gaat deze week weer door – kunnen we bij zijn afscheidsreis de balans op maken van de stand van zaken op de zes eilanden in de verhouding met Nederland. Die is niet erg positief. Het kleine Saba is de uitzondering op de regel dat er altijd problemen zijn met Nederland. Wie Saba kent, ziet een aangeharkt, schattig eilandje, het zonnetje in huis. En zo is ook de verhouding met Nederland. Saba ligt als een tevreden snorrende kat in de Caribische zon het hoogste punt van het Koninkrijk te zijn. Nederland is blij met Saba en Saba is meestal tevreden met Nederland. Het eiland heeft ook zijn problemen met armoede en hoge prijzen, maar je hoort zelden kritische opmerkingen.

Hongerstaking
Aruba is nummer 2 als we kijken naar het aantal problemen met Nederland. Onder de huidige AVP-regering van Eman is de verhouding met Nederland over het algemeen goed. Er zijn in de periode Plasterk wel een paar ongelukjes geweest. We herinneren ons de hongerstaking van Mike Eman, omdat Nederland financiële eisen stelde en de gouverneur de begroting niet mocht tekenen. En er was het akkefietje rond de gouverneursbenoeming. In beide gevallen trok Eman aan het kortste eind, al zal hij dat zeker nu in verkiezingstijd niet toegeven, maar als de ruzie eenmaal achter de rug is gaan Aruba en Nederland weer samen verder. Als de MEP de verkiezingen wint kan de nieuwe minister van Koninkrijksrelaties een lastiger partner verwachten.

Het is lastig kiezen tussen Sint Maarten en Curaçao voor de derde plaats. Op beide eilanden zijn problemen geweest de afgelopen jaren. Sint Maarten hangt nog altijd een maatregel boven het hoofd in verband met de door Nederland geëiste integriteitskamer, maar die wetgeving lijkt er nu toch te gaan komen. De regering is er niet erg vriendelijk tegenover Nederland, de roep om onafhankelijkheid – hoe irreëel ook – wordt sterker. Ook was er in 2015 de kwestie rond de regeringswisseling en de verkiezingen. De ontbinding van het parlement door het kabinet Gumbs werd niet door de gouverneur bekrachtigd, omdat er al een nieuwe regering was, maar Gumbs weigerde af te treden.

De gouverneur riep rechters te hulp om een constitutionele crisis te bezweren. Plasterk steunde – achter de schermen – gouverneur Eugene Holiday, maar de verkiezingen kwamen er wel, een half jaar later dan eerst gepland. Bovendien speelt op Sint Maarten de populariteit van Theo Heyliger (UP), die van corruptie wordt verdacht. Na een korte periode in de regering is hij tot opluchting van Nederland weer in de oppositie beland. Maar de verhoudingen tussen Sint Maarten en Nederland blijven wankel.

Schotte
Datzelfde kun je zeggen van Curaçao en Nederland. De parallel tussen Heyliger en Gerrit Schotte (MFK) dringt zich op. Plasterk nam het stokje Koninkrijksrelaties over toen het kabinet Schotte net weg was. Maar de inmiddels in hoger beroep veroordeelde politicus blijft de verhoudingen onder spanning zetten. Toen de MFK na de verkiezingen van 2016 – al dan niet via omkoping – het kabinet Koeiman opblies dreigde ook hier een constitutionele crisis over nieuwe verkiezingen. Plasterk greep in om de verkiezingen door te laten gaan. Hij vertrekt door de uitslag daarvan met een Curaçao dat een stuk vriendelijker voor hem is, maar de weerstand tegen Nederland blijft onderhuids door sudderen. Bij de rechtszaken tegen Schotte en centrale bankpresident Emsley Tromp – nota bene felle opponenten van elkaar – wordt steeds naar Nederland gewezen en wordt er geroepen dat het een door Den Haag gestuurd politiek proces is. Kortom, echt gezellig is het niet tussen Willemstad en Den Haag.

Dan de twee grootste rebellen, al zijn het kleine eilanden. Op Bonaire en Sint Eustatius leven behoorlijk anti-Nederlandse sentimenten. In Kralendijk is het Bestuurscollege Den Haag nog vrij goed gezind, maar het eiland staat op de rand van een coalitiewisseling waarbij de nieuwe combinatie wel eens een heel stuk lastiger kan worden voor Nederland. Maar Plasterk hoeft dat waarschijnlijk niet of nauwelijks meer mee te maken. Hij zal deze week nog vriendelijk worden ontvangen, al is er een beweging (NKBB) die Nederland beschuldigt van rekolonisatie, annexatie en zelfs genocide op de Bonairiaanse bevolking. Hoe serieus dat moet worden genomen is lastig in te schatten, voor onafhankelijkheid zal waarschijnlijk erg weinig steun zijn. Maar Nederland krijgt wel van steeds meer problemen de schuld. Soms terecht (armoede wordt slecht aangepakt), maar de positieve ontwikkelingen worden gemakkelijk genegeerd. Een lastige verhouding dus met Nederland, maar op bestuursniveau is de samenwerking nog goed.

In de aanval
Dat is wel anders op Sint Eustatius, waar de coalitie vol in de aanval gaat op Plasterk en Den Haag met Clyde van Putten voorop. Hij heeft de wet (WolBES) al grotendeels ongelding verklaard en scheldt Plasterk via brieven regelmatig de huid vol. Toen de minister maar niet mee reageerde kreeg hij ook dat voor de voeten geworpen. Het is de vraag in hoeverre het streven naar vergaand zelfbestuur door de bevolking gedragen wordt. De onzinnige dreiging met een gang naar de Verenigde Naties is vooral bedoeld voor de achterban van Van Putten. Maar de sfeer tussen Oranjestad en Den Haag is sowieso ijzig te noemen.

Dat is de erfenis die Plasterk deze week nog een keer in ogenschouw neemt. Ongetwijfeld komen er foto’s met een vriendelijk lachende minister naar buiten te midden van even vriendelijk kijkende gespreksgenoten. Ze verhullen de spanningen die er her en der zijn. Niet uit te sluiten valt dat hij aan het einde van de week opgelucht weer in het vliegtuig stapt, omdat hij deze deur nu kan sluiten. De minister laat een lastige portefeuille achter voor zijn opvolger. Die zal heel wat te stellen krijgen met de zes eilanden in de Caribische zee.

Dit artikel is ook verschenen in het Antilliaans Dagblad van 7 augustus 2017

Advertenties