Maandelijks archief: juni 2014

Mag dat Nederlandse vingertje nou eens weg?

Als je een tijdje ‘weg’ bent geweest – en het nieuws maar oppervlakkig hebt gevolgd – biedt dat het voordeel dat je de zaken eens van een afstand kunt bekijken. Dan ziet de toestand in de wereld er ineens anders uit. Een soort helikopterview in plaats van een beeld vanaf de grond, waar je steeds maar een detail van het geheel ziet. Toegespitst op het Koninkrijk der Nederlanden rijst bij zo’n bovenaanzicht de vraag of de Caribische eilanden politiek wel wezenlijk anders functioneren dan de grote Europese broer Nederland.

Op het Interparlementair overleg (IPKO) werd deze week gesproken over integriteit. In Nederland wordt vaak wat minachtend of welwillend glimlachend gedaan over de besturen en regeringen op de eilanden. Sommige partijen en ook veel Nederlandse burgers vinden dat de eilanden hun eigen zaken niet kunnen regelen. Er is veel corruptie en daarom is zo’n discussie over integriteit een mooie kans om de eilanders te vertellen hoe het moet.

Veel Caribische burgers kijken ook op tegen Nederland als het land waar het veel beter gaat, waar goede regels zijn die ook worden nageleefd en waar politici volwassen zijn en weten wat ze doen. Dit in tegenstelling tot de eigen politici, die vooral aan zichzelf of hooguit hun partij denken en corrupt zijn. Maar is dat terecht?

Sjoemelen
Nederland is natuurlijk veel groter en is daardoor bestuurlijk krachtiger. Maar kijk eens om je heen. Lees deze week bijvoorbeeld de kranten eens. Parlementaire enquete over corrupte en zelfverrijkende bestuurders van woningbouwstichtingen. Een onderzoek naar de door wanbeleid mislukte fusie van thuiszorginstellingen, waarvan een van de topmannen volgens de vakbond slapend rijk werd. Een benoeming van een Nationale Ombudsman waarvan de Tweede Kamercommissie een potje heeft gemaakt. En het weekblad Vrij Nederland stelde onder de kop ‘Sjoemelen in de polder’ een lijst samen van misstappen van Nederlandse politici in de afgelopen 30 jaar.

Op het IPKO trok SP-Tweede Kamerlid Ronald van Raak (die overigens lid was van de bovengenoemde Ombudsmancommissie) volgens de verslagen zoals gebruikelijk een grote broek aan tegenover de eilanden. Hij stelde Nederland voor als het goede voorbeeld op het gebied van integriteit. Gelukkig wees collega Roelof van Laar (PvdA) hem terecht door onder andere te verwijzen naar de lijst van Vrij Nederland.

Kortom, moeten Aruba, Curaçao en Sint Maarten zich nog wel iets aantrekken van Nederland? Toch wel, want hoe begrijpelijk de aanval van MFK-Statenlid Amerigo Thodé op Van Raak ook was, de Curaçaose politicus heeft natuurlijk nog meer kilo’s boter op het hoofd dan zijn doelwit. Het gehakketak binnen de delegaties van Curaçao, Aruba en Sint Maarten over het onderwerp integriteit wijst er ook op dat de eilandelijke politiek nog lang niet volwassen is. Nederland is op dat gebied toch nog wel een paar stapjes verder.

Vingertje
Als Nederland nu eens dat opgestoken vingertje achterwege laat en de Caribische landen in het Koninkrijk serieus benadert, dan kunnen de eilanden echt nog wat leren van de Europese partner. Het helpt in dit verband niet dat premier Mark Rutte een ontmoeting met de delegaties aan zich voorbij liet gaan wegens de aanwezigheid van het omstreden Sint Maartense Statenlid Patrick Illidge. Natuurlijk had hij beter niet mee kunnen komen, maar hij is nog steeds slechts verdachte. En het wegblijven bij zijn rechtszitting (de reden die Rutte opgaf) was met instemming van de rechtbank. Een goed geïnformeerde premier had dit geweten.

Advertenties